Inleiding
Een betere mobiliteit zal de bereikbaarheid en leefbaarheid van Antwerpen ten goede komen. Het is de ambitie van BAM om deze infrastructuur te realiseren met behoud van waardevolle natuur en zorg voor het leefmilieu. Daarom zijn de effecten van het Masterplan vooraf onderzocht en wordt waar nodig aan oplossingen gewerkt.
Milieueffectenrapport
In toepassing van de bestaande wetgeving werd voor de geplande ingrepen van het Masterplan een uitgebreid Milieueffectenrapport opgesteld. Het ontleedt in detail de positieve en negatieve effecten voor mens en milieu van alle redelijkerwijze in aanmerking te nemen alternatieven.
Naast lucht-, geluids-, licht- en trillingsaspecten werd op een systematische en wetenschappelijk verantwoorde wijze ook onderzoek verricht naar de gevolgen van het Masterplan op de fauna en flora, de bodem, het water, de monumenten en landschappen en de externe veiligheid.
Stand van zaken
Op 30 mei 2005 keurde de cel MER het Plan-MER Masterplan goed. Er werden verschillende strategieën onderzocht om het Masterplan uit te voeren. Uit het onderzoek blijkt dat enkel de strategieën met een Oosterweelverbinding de mobiliteitsproblematiek kunnen oplossen. Er moeten echter wel maatregelen worden getroffen om het verkeersgenererend effect van de sluiting van de kleine ring tegen te gaan, bijvoorbeeld door tolheffing of vrachtverbod.
In het laatste kwartaal van 2005 werd het kennisgevingsdossier van het project-MER Oosterweelverbinding opgemaakt en voorgelegd aan de bevolking. Zo kreeg iedereen inspraak in het onderzoek naar de milieueffecten van de Oosterweelverbinding. Het project-MER werd overgemaakt aan de Dienst MER van de Vlaamse Administratie op 14 feburari 2007. In april 2007 het project-MER goedgekeurd.
Natuurbegeleidende maatregelen
Om de natuurwaarden op Linkeroever te beschermen, stelde het Plan-MER enkele milderende maatregelen voor. Hieruit ontstonden de deelprojecten Middenvijver en Burchtse Weel.
• In het gebied Middenvijver werd een plas gecreëerd die voldoende rust en nestgelegenheid biedt om, bij eventuele verstoring tijdens de werken in een gedeelte van het vogelrichtlijngebied De Kuifeend en Blokkersdijk, als uitwijkplaats te fungeren. In het kader van de MER reglementering werd op 12 oktober 2005 een ontheffing van de project-MER-plicht bekomen.
• Voordat de werken aan de Oosterweeltunnel kunnen worden aangevat, moet een gecontroleerd gereduceerd getijdengebied worden gecreëerd om als voorafgaande uitbreiding van het habitat te dienen. Hiertoe wordt momenteel het gebied Burchtse Weel heringericht.
Voor meer details ga naar www.mervlaanderen.be