
Eerste waterwegenproject van Masterplan 2020 is succesvol gerealiseerd - 18/06/2010
“Het eerste grote waterwegenproject van het Masterplan 2020 is succesvol afgerond. De twee bestaande bruggen op de Noorderlaan over het Albertkanaal, een van de drukste waterwegen van Europa en een cruciale hinterlandverbinding voor de Antwerpse haven, werden volledig vernieuwd. De bruggen werden verhoogd tot 9,1 m doorvaarthoogte, het kanaal onder de bruggen werd verbreed en het openbaar vervoer kreeg een afzonderlijke brug”, stelde Hilde Crevits, Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken, vandaag tijdens de officiële inhuldiging van de vernieuwing van de Noorderlaanbruggen over het Albertkanaal.
Vandaag, vrijdag 18 juni, is een belangrijke stap voor Vlaanderen en Antwerpen. Het eerste project van een van de drie belangrijke pijlers van het Masterplan 2020 is succesvol afgerond. Het is de eerste stap in een ambitieus project dat Vlaanderen en haar belangrijkste metropool mobiel en leefbaar moet houden.
Symbool voor essentie Masterplan
“Dit project staat symbool voor de essentie van het Masterplan”, zei Karel Vinck, voorzitter van de raad van bestuur van BAM, die opdrachtgever en projectleider was. “Met dit project investeren we immers in de drie pijlers die onze samenleving opnieuw mobiel en leefbaar moeten maken:
Investeren in betere waterwegeninfrastructuur, met een hogere capaciteit voor het Albertkanaal dankzij hogere bruggen en een breder kanaal, een uitstekend alternatief voor goederentransport over de weg.
Investeren in een efficiënter openbaar vervoer, met een afzonderlijke brug voor bus en tram - een uitstekend alternatief voor verplaatsingen met de wagen tussen stad en rand.
Investeren in wegeninfrastructuur, met ook veel aandacht voor fietsers en voetgangers.”
Architecturale meerwaarde
“Dat infrastructuurprojecten ook een architecturale meerwaarde kunnen bieden voor een stad, bewijst de realisatie van dit project overduidelijk”, aldus Jan Van Rensbergen, algemeen manager van BAM. “Dankzij de goede samenwerking met de Vlaamse Bouwmeester, met de stad Antwerpen, en met alle betrokken partners staat hier meer dan een technisch goed gemaakt project. Het is een knap ontwerp, dat zich naadloos inpast in het stedelijk weefsel.” Van Rensbergen loofde ook de inzet van de diensten van de Vlaamse overheid en de stad, de verkeerspolitie, de werfcommunicatoren en projectleiders. “Dankzij de actieve samenwerking en goede communicatie hebben we de hinder op deze belangrijke invalsas goed kunnen beperken.”
Durven inzetten op alle fronten tegelijk
De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, Hilde Crevits, had het vooral over de noodzaak voor onze samenleving van een efficiënte en slimme mobiliteit die tegelijkertijd onze leefbaarheid, ook in en rond steden verhoogt.
“Dat kan enkel”, aldus de minister, “wanneer we op alle fronten tegelijk durven inzetten:
Inzetten op het beter benutten van onze waterwegen, dat haalt duizenden vrachtwagens van de weg.
Inzetten op een efficiënter openbaar vervoer dat mensen kan overtuigen om over te stappen op een volwaardig alternatief vervoermiddel in en rond de stad.
En ten derde inzetten op betere wegeninfrastructuur en veilige fietsverbindingen.
Alleen zo kunnen we ervoor zorgen dat de cruciale draaischijf die Vlaanderen graag wil zijn binnen Europa ook voor de toekomst veilig wordt gesteld. We hebben als Vlaamse regering een ambitieus antwoord geformuleerd. Dat heet het Masterplan 2020. Dat is veel meer dan de opsomming van een aantal prioritaire infrastructuurprojecten. Het is een geïntegreerd plan dat mobiliteit in zijn bredere context durft bekijken, en ook leefbaarheid, fiscaliteit en stedenbouw meeneemt om structurele oplossingen aan te reiken voor een mobiele en leefbare toekomst.”